zaterdag, februari 04, 2012
 
Reeëndichtheid

De reeën- of reewildstand is het aantal dieren dat in een gebied leeft. Bijvoorbeeld: Er leven 12 reeën in dit bos. Je geeft dus duidelijk het gebied aan waarvan je het aantal geeft. De geschatte reewildstand in Nederland was, in 2007, 65.000 stuks.

Wanneer we over reeëndichtheid spreken, spreken we altijd over het aantal reeën per oppervlakte-eenheid. Gebruikelijk is het aantal reeën per hectare. Die hectare terrein wordt vaak nog verder gespecificeerd als hectare loofbos, hectare dekking, hectare werkgebied wildbeheereenheid, hectare werkgebied faunabeheerenheid, enzovoort. Maar het kan ook per vierkante kilometer.

De reeëndichtheid voor Nederland is ongeveer 65.000 / 33.800 km² land = 2 reeën per km² Nederland. Bedenk dat dit inclusief wegen, steden en weilanden is. Niet bepaald plaatsen waar reeën zich kunnen handhaven. In 2000 was er 4.800 km² bos en natuurterrein (bron CBS). Aangezien daar graag reeën leven is de reeëndichtheid voor bos en natuurterreinen 65.000 / 4.800 km² = 14 reeën per km² = 14 reeën per 100 ha.

De maximale dichtheid die door onderzoekers wordt genoemd schommelt tussen 7 reeën per 100 ha voor de armste en 15 stuks per 100 ha voor de beste leefgebieden. Je zou dus op basis van de bovenstaande grove berekening kunnen beweren dat Nederlandse bos en natuurterreinen perfecte gebieden zijn voor reeën. Dat is echter niet helemaal waar want reeën leven niet alleen in de bos- en natuurgebieden. Ze leven ook in grote open landschappen.

Maar met de reeëndichtheid kun je dus gebieden met elkaar vergelijken. We gebruiken reeëndichtheid meestal in het kader van schadebestrijden en populatiebeheer. Als we dat doen moeten we onderscheid maken tussen economische, ecologische maximum reeëndichtheid.

ecologisch

Is de dichtheid onder natuurlijke omstandigheden waarbij geen directe invloed van mensen is zoals beperken van leefgebied, populatiebeheer, verkeersdruk, enzovoort. De aanwas en sterfte balanceren binnen een natuurlijke variatie.

economisch

Is de dichtheid die in onze omgeving ontstaat als de reeënpopulatie zich kan ontwikkelen overeenkomstig de door erfelijke aanleg en huidige omstandigheden bepaalde mogelijkheden. De aanwas en sterfte (ook niet natuurlijke) balanceren binnen een door mensen beïnvloede variatie.

maximale reeëndichtheid

Is die dichtheid waarbij de reeënpopulatie zodanig invloed heeft op haar eigen leefomgeving dat de aanwas af- en de sterfte toeneemt. De aanwas beïnvloed de sterfte.

Als er geen sprake is van direct beinvloeden van de reeëndichtheid door het doden van reeën en de reeënpopulatie stabiliseerd zich van nature dan is een ecologisch maximum voor reeën bereikt. Met nadruk een maximum omdat de ecologische draagkracht enorm schommeltdoorinvloeden op de reeën en hun leefomgeving zoalspredatie, uitbraak van een ziekte, overstroming, strenge winter, enzovoorts. Telkens groeit de populatie naar de maximum reeëndichtheid. In die situatie worden de territoria te klein, komt het vaak tot schermutselingen en er ontstaat stress. Dit leidt tot verminderde weerstand tegen kou, voedselgebrek, ziektes en dergelijke. Daardoor variëren de aanwas, gezondheiden de sterfte enorm. De kleinere aanwas en grotere sterfte wordt niet snel herkend en kan uiteindelijk leidentot massale sterfte.

We kunnen een hoge ecologische dichtheid herkennen en meten door het dalen van het lichaamsgewicht, het lichter worden van de geweien, het toenemen van het aantal knopbokken, hetmigreren van reeën uit het gebied met in ons land het gevolg;toename van verkeersslachtoffers en dood gevonden reeën (valwild).

Draagkracht

Als de reeënpopulatie de leefomgeving zo veranderd dat een andere soort zich niet meer kan handhaven of de aanwas van reeën stabiliseerd dan is voor die soort of de reeën de maximum reeëndichtheid bereikt.

Er is dus sprake van het bereiken van een maximum reeëndichtheid als de invloed van de reeën niet meer wordt verdragen. De reeëndichtheid kan zelfs zo groot worden dat die invloed door de reeën zelf niet meer wordt verdragen. De aanwas neemt dan af en de sterfte neemt toe. De reeëndichtheid die hoort bij dat omslagpunt noemt men wel ecologische draagkracht (voor die soort).

Draagkracht is een maat voor omslag van wel of niet verdragen. Als iets niet verdragen wordt drukken wij mensen dat uit in schade. Dat kan zijn ecologische schade maar ook economische schade. Van dat laatste is sprake als wij mensen de schade van reeën aan onze bezittingen niet meer verdragen. De reeëndichtheid die hoort bij dat omslagpunt noemen we de economische draagkracht.

De grens tot waar de schade wordt geaccepteerd is zeer moelijk vast te stellen. Gaat het hier bijvoorbeeld om het gras dat uit het weiland is gegeten of de laatste van een zeldzame plant. Gaat het om een paar struiken die in een bos zijn geveegd of zijn alle topscheuten uit de aangeplante eikjes gegeten? Betreft het een automobilist die alleen geschrokken is van een toevallig overstekend ree of zijn er al vier botsingen geweest.

Als er sprake is van het bereiken van de economische draagkracht dan is de ecologische dichtheid vaak nog lang niet bereikt. De reeëndichtheid wordt in Nederland door de mens beïnvloed. Dit kan indirect zijn door het beperken van hun leefgebied door het plaatsen van afrasteringen en afweermiddelen en direct door het doden van reeën door diverse oorzaken.
Daardoor blijft de aanwas relatief hoog, de natuurlijke sterfte relatief laag en zijn de reeën over het algemeen gezond.

U kunt meer lezen over draagkrachtbepalen onder de draagkracht van een gebied te bepalen.


Vereniging Het Reewild Gebruiksovereenkomst Privacybeleid