Ziek wild kun je vaak herkennen aan een ongewoon gedrag, zoals bijvoorbeeld het zich afzonderen van de gezonde soortgenoten. Ook het te laat verharen, een afwijkende geweigroei, sterke vermagering, veel hoesten, lopen met een hoge rug e.d. zijn aanwijzingen dat er iets aan de hand is.
In het kader van de kwaliteitbewaking van vlees voor consumptie moet ook het Ree gecontroleerd worden op afwijkingen. Goed en veel waarnemen in het veld is dus belangrijk. Dat begint voordat het wordt gedood, tijdens het ontweiden en het slachten. Bij twijfel is het beter om een tweede beoordeling van een deskundige te vragen voor dat het wild voor de consumptie wordt bestemd. Het beoordelen van wild voor de handel en groothandel is aan wettelijke regels gebonden. De keuringen moeten gedaan worden door gekwalificeerde personen.
Er kunnen bij Reeën verschillende ziekteverschijnselen optreden. De veroorzakers zijn virussen, bacteriën of parasieten. Dit is vooral het geval bij een grote reeëndichtheid waardoor de draagkracht ver wordt overschreden.
De in Nederland in het wild voorkomende dieren zijn in grote lijnen gezond. Als de in het wild voorkomende dieren zich ziek voordoen, hebben we meestal te maken met parasitaire aandoeningen: keelhorzel, huidhorzel, longworm, lintworm, leverbot of keelworm.
Daarnaast kunnen grote wilde hoefdieren varkenspest en mond en klauwzweer overbrengen.
Een aantal ziekten van dieren kunnen ook op mensen overgaan, dit noemen we een zoönose. b.v: Ziekte lyme door teken, leverbot, ringworm, giardia,
Daarnaast zijn er infecties mogelijk die het gevolg zijn van:
- verwondingen door verkeersongevallen, landbouwmachines en rasters
- verwondingen die het gevolg zijn van achtervolging
- verwondingen van gewei dragers door bronstgevechten
- oude schotwonden
Parasitaire aandoeningen worden eigenlijk niet tot de ziekten gerekend. De eigenlijke ziekten worden veroorzaakt door bacteriën, protozoa, schimmels of virussen.
De mate van weerstand speelt een rol bij het mogelijke herstel van een ziekte.
Er zijn dus bij de wilde dieren alle mogelijke situaties van infectie/ziekten denkbaar. Juist deze veelvoud aan mogelijkheden maakt het gewenst de dieren goed te beoordelen op een eventuele ziekte. Dat kan onder andere door tijdens het aanspreken te letten op afwijkend gedrag en bij het ontweiden te kijken of je afwijkende organen aantreft.
De praktijk:
Over het algemeen zijn de reeën gezond. Naar mate je de dieren meer bestudeerd weet je hoe het gezonde dier zich gedraagd. Dat geldt ook voor het bestuderen van dode reeën. Naar mate je meer reeën ontleed weet je hoe gezonde organen eruit zien. Het herkennen van zieke dieren en aangetaste organen is van groot belang. Met ingang van 1 januari 2006 gelden daarom wettelijke hygiëne voorschriften voor verwerking van gedode wilde dieren. Nederland heeft dit per 1 januari 2008 in de nationale regelgeving Vleeskeuring opgenomen voor de handel en afgifte van reeënvlees door reeënbeheerder, stroper, poelier, slager, restaurant of detailhandel.
Ook voor de instandhouding van de reeën is het herkennen van afwijkend gedrag door ongeval, ziekten en parasitaire aandoeningen natuurlijk van belang.