donderdag, juli 29, 2010
 

Reebok alert en luisterend

Kenniscentrum

Het ree is een prachtig onderwerp om te bestuderen. Zoeken naar kennis die anderen over het ree hebben verzameld kan dit nog versterken. In het Kenniscentrum Reeën is slechts een klein deel van de kennis beschikbaar. De redactie van het Kenniscentrum Reeën probeert u bovendien te helpen de niet aanwezige kennis te vinden door u op een begrijpelijke manier in de materie over reeën te leiden.

De belangrijkste bronnen zijn ervaringsdeskundigen, artikelen uit het tijdschrift Capreolus en literatuur. Literatuur bestaat uit boeken, wetenschappelijke artikelen en toepassingen van die kennis zoals handleidingen en cursussen over reeën.

Ervaringsdeskundigen gaan volledig op hun waarnemingen af; het kan dan zijn dat een deel van ‘de waarheid’ zich aan hun waarnemingsvermogen onttrekt. Daarom proberen we altijd de (wetenschappelijke) boeken en tijdschriften er op na te slaan: wat zeggen die ervan? Of we zoeken de relevante artikelen via bijv. Wageningen UR Digital Library. Probeer maar eens metasearch by subject; Capreolus.

Een combinatie van veldkennis en theorie/wetenschappelijke bevindingen zijn de manier om voor jezelf conclusies te trekken en zo kennis operationeel te krijgen.

Hoe je met kennisvergaring omgaat hangt van veel dingen af: hoeveel tijd en zin heb je; wordt er iets van je verwacht in FBE-verband of is het ‘vrijwillig’, ben je een boekenneuzer of breng je liever die tijd in het veld door; ken je ervaringsdeskundigen of sta je er ‘alleen’ voor. Wil je je ervaringen delen of zoek je het liever zelf uit? Heb je zin/tijd/geld om een cursus te volgen of niet? Tot in welk detail wil je reeën ook zaken snappen/weten? Hét recept om reeëndeskundige te worden is niet te geven, maar we denken dat het Kenniscentrum een goed beeld geeft van wat er aan kennis te ‘vinden’ is.


Over reeën leren Minimaliseren

Er zijn verschillende manieren om meer over reeën te weten te komen. Kennis is te vergaren op verschillende manieren:

  1. zelfstudie verrichten;
  2. studie aan scholen en universiteiten;
  3. cursussen volgen;
  4. onderzoeksinstituten;
  5. kennishebbers en ervaringsdeskundigen raadplegen.

Dit artikel geeft met name een overzicht van studies (en onderdelen daarvan) en cursussen die betrekking hebben op het ree. Het overzicht is niet uitputtend, maar het geeft een aardig beeld van wat in den lande over reeën gedoceerd wordt en gestudeerd kan worden.

In Capreolus nr 37 is ingegaan op een aantal ‘standaardwerken’; boeken die door hun inhoud van belang zijn bij het op peil brengen van je kennis over reeën. De boeken verschillen van insteek: de een gaat meer over het beheer (bejagen) van reeën, de ander meer over de biologie van de soort, weer een ander boek gaat meer in op de ecologie van het ree (relatie met het landschap en andere dieren). Het gebruik van dit soort bronnen verschilt weer van persoon tot persoon: wat heeft je interesse en ‘verslind’ je dit soort boeken vooraf, of gebruik je ze als naslagwerk nadat je in het veld een bepaalde waarneming gedaan hebt? De meeste ‘standaardwerken’ zijn wel zo compact geschreven dat ze door hun hoge informatie-dichtheid als leesboek weinig geschikt zijn, maar veel meer een functie hebben als naslagwerk, een enkele die-hard nagelaten natuurlijk.

Daarnaast is in Capreolus nr 37 ingegaan op internet-zoekmachines waarmee artikelen, publicaties, foto’s etcetera over reeën gevonden kunnen worden. Hier duikt de kunst van de goede (combinatie van) trefwoorden, zoekmachines (Ilse, Google etcetera) en bibliotheeksites op. Over dit onderdeel van kennisvergaring hoeven we hier dan ook niet verder meer in te gaan.

Opleidingen
Opleidingen, cursussen en onderzoeksinstituten waarin reeën / reewildbeheer aan de orde komen:

Hogescholen en universiteiten

In Nederland zijn verschillende hogescholen en universiteiten met een landbouwkundige en/of natuurgerichte achtergrond. Nagegaan is wat op deze instellingen over het ree gedoceerd wordt. Hieronder in het kort de bevindingen van deze zoektocht:

Hogeschool Larenstein (Velp)

Larenstein (IAHL) kent de opleidingen Natuur en Landschapstechniek & Bosbouw. Binnen deze opleidingen wordt onder andere het vak natuurbeheer gedoceerd. Binnen dit vak wordt ook ingegaan op het onderdeel faunabeheer. Alleen binnen het dictaat behorende bij dit onderdeel is aandacht voor reeën, in de vorm van een vijftal artikelen:

  • Algemene info over de nederlandse Cervidae (ree en edelhert 1 A4; damhert en moeflon 0.5 A4)
  • Vertonen reeën onder natuurlijke(r) omstandigheden ander sociaal gedrag? Artikel uit Capreolus, nummer 26 (2000).
  • Reeën zonder bejaging. Artikel uit Argus 3-4 (2000).
  • Effecten van de afsluiting van natuurgebieden op het gedrag van grote zoogdieren. Artikel uit De Levende Natuur, nummer 6 (2001).
  • Het ree in de 21e eeuw. Artikel uit Capreolus, nummer 29 (2001).

Wie meer info over Larenstein wil, kan via het internet zoeken en vragen: http://www.larenstein.nl

Van Hall Instituut (Leeuwarden)

Het Van Hall-instituut kent een opleiding Diermanagement (zie bijvoorbeeld ook Argus 2, 2002, p.10-13). In die opleiding staat de relatie tussen mens en dier centraal en wordt ingegaan op de functies die dieren in onze samenleving vervullen:
van knuffelbeest tot studieobject. Bij diermanagement draait alles om non-productie
dieren, zoals gezelschapsdieren, dierentuindieren, wildlife en proefdieren. Men vindt dat meer aandacht geschonken dient te worden aan aspecten als voedselbehoefte en leefomgeving. De Stichting Reeënonderzoek Nederland verzorgt het onderdeel ‘reeënbeheer’ in het 1e jaar. Het onderdeel over reeën wordt met name geïllustreerd door de relatie voedselaanbod en welzijn van reeën in het natuurgebied de Oude Venen. In het college wordt ingegaan op het opzetten van onderzoek, de uitvoering en evaluatie ervan.
Meer over Van Hall weten? Zie op het Internet:
http://www.vhall.nl.

Wageningen Universiteit

Binnen faculteit dierecologie wordt een vak ‘animal ecology’ gegeven. Daarin wordt niet per dier ingegaan op de ecologie van een soort, maar worden thema's behandeld als populatiedynamica en verteringsfysiologie.
Bij deze thema's wordt veelal wel ingegaan op hoe dat dan bij het ree in elkaar steekt. Reden hiervoor is dat van de hertachtigen vrij veel bekend is. Wat meer specifiek onderscheid men binnen dierecologie verschillende thema’s, zoals thema 2.1: Begrazingsecologie en andere plant-dierrelaties. Dit thema gaat in op zaken als: relatie vertering van herbivoren en hun grootte, de invloed van vegetatiehoogte op het foerageergedrag, het effect van grootte van de herbivoor op snelheid van grazen, draagkrachtbepaling voor ree en damhert in een duingebied (Amsterdamse Waterleiding Duinen). Een ander thema is thema 4.1:
Faunabeheer. Binnen dat thema worden onder andere aandacht geschonken aan hoe Nederland eruit zou zien als er niet meer gejaagd zou worden. Dit onderwerp is gerelateerd aan de nieuwe Flora- en Faunawet waarin het aantal te bejagen soorten sterk is verminderd. De discussie over al of geen jacht duurt onverminderd voort. Wat zouden de consequenties zijn als er niet meer gejaagd zou worden in ons land? Zowel plezierjacht als beheersjacht moeten in de beschouwing worden betrokken. Dit thema heeft als doel
inzichtelijk te maken wat wel en niet nodig is en waar de lacunes in onze kennis zitten. Internetpagina:
http://www.wageningenuniversity.nl.

Katholieke Universiteit Nijmegen (KUN)

Binnen de KUN bestaat de subfaculteit Biologie als onderdeel van de opleiding Milieunatuurwetenschappen. De Subfaculteit Biologie bestaat uit zes afdelingen en twaalf leerstoelgroepen, die onderwijs verzorgen en onderzoek verrichten. Een voor ons wellicht interessante leerstoelgroep is Dierecologie en Dierecofysiologie (Prof.dr. S.E. Wendelaar Bonga). De leerstoelgroep richt zich echter vooral op zoet- en zoutwaterleven. Internet: http://www-eco.sci.kun.nl/AnimalEcology.htm, http://www.biowetenschappen.sci.kun.nl.

RUU Rijksuniversiteit Utrecht

De RUU heeft een onderwijsmodule ‘Wildlife management’ als keuzevak voor 4e-jaars bij de veterinaire faculteit. De al eerder in dit artikel vermelde Stichting Reeënonderzoek is hier sinds 5 jaar bij betrokken om inzicht te geven in de betrokkenheid van dierenartsen bij populatiebeheer van in het wild levende dieren, in dit geval reeën. Ingegaan wordt op de Flora- en Faunawet en de Gezondheids- en Welzijnswet voor Dieren.
De werkvorm betreft zowel hoor- als werkcolleges.

Universiteit van Amsterdam (UVA)

Mogelijk wordt ook aan de Universiteit van Amsterdam (UVA) wel binnen een of ander kader aandacht geschonken aan onze wilde hoefdieren, waaronder het ree. Wijlen Harm van de Veen had daar zijn
‘roots’. Informatie hierover heb ik echter (nog) niet kunnen verkrijgen.

Kortom: op verschillende hogescholen en universiteiten komt het ree in meer of mindere mate aan bod. Bij de hogescholen betreft het veelal stof dat aangeboden wordt als onderdeel van een vak, bij de universiteiten ligt dit anders; naast het volgen van vakken zijn er onderzoeksprogramma’s waar reeën een rol in spelen en je kunt in principe zelfs afstuderen op het ree als dit binnen de context van zo’n programma valt.

Cursussen

Reeënbeheer

De Vereniging het Reewild geeft verschillende cursussen over reeën. Varierend van de gecertificeerde cursus reeënbeheer tot en met de opleiding tot keurmeester. Reeëndeskundigen geven meestal op lokatie cursussen. Voor meer informatie: www.reewild.nl

Grofwildcursus

De Grofwildcursus bestaat in een lange en korte versie en wordt gegeven via het IPC Groene Ruimte te Schaarsbergen. De lange cursus is de reguliere cursus. De korte is enkele malen op speciaal verzoek gegeven voor leden van het Veluws Hert en het St. Hubertus Gilde. De volgende tekst gaat in op de ‘lange’ cursus. De grofwildcursus duurt 2 jaar (32 dagdelen) en kent een theorie- en praktijkdeel. Aansluitend is voor werkelijk bij het beheer betrokken personen een aanvullende praktijkopleiding mogelijk van 2 jaar. Het theoriedeel gaat in op ecologie en beheer van de grote wilde zoogdieren van Nederland: edelhert, damhert, wild zwijn en ree. Verschillend deskundigen leveren een specifieke bijdrage. Twee onderdelen gaan specifiek over reeën: (1) het ree en (2) het reeënbeheer. Het eerste onderdeel is algemeen en gaat in over oorsprong van het ree, een algemene beschrijving van het voorkomen, leefwijze en verspreiding. Het deel reeënbeheer heeft als onderwerpen: systematiek, anatomie, spijsverteringsstrategie, sociale structuur, populatiedynamica, en beheren van populaties. Een en ander is verwerkt in een beheermethode, gericht op de professionaliseringvan de wildbeheerder.

Cursus welzijn van reeën

Dit is een nieuwe cursus die ook door het IPC verzorgd wordt, in samenwerking met de Stichting Reeënbeheer Nederland. Gedurende een periode van 12 jaar heeft de stichting een cursus, gericht op populatiebeheer, gehouden in Biddinghuizen. In 2000 is in overleg met het IPC in Schaarsbergen een vernieuwde cursus opgezet. In de nieuwe cursus staat het welzijn van populaties in het wild levende reeën centraal. Als gevolg van de inwerkingtreding van de Flora- en faunawet is de zorgplicht voor dieren uitgangspunt geworden voor de terrein- en wildbeheerders. In de vernieuwde cursus wordt daarom aandacht besteed aan juridische, veterinaire, biologische en praktische aspecten. Bij de biologische aspecten wordt nader ingegaan op de relatie tussen voedselaanbod en welzijn van reeën. De cursus, die niet alleen uit theorie maar ook uit praktijkonderdelen bestaat, gaat 6 maanden duren en wordt in 7 cursusavonden gegeven. Internet: www.ipcgroen.nl, of bij specifieke vragen: Hans Spek, 026-3550155 of 026-3550148.

Kennisinstituten

Op verschillende instituten wordt gericht onderzoek verricht aan reeën. Allereerst nemen de genoemde universiteiten een deel van dit onderzoek voor hun rekening in allerlei onderzoeksprogramma’s. Bijvoorbeeld kunt u een ree met een afwijking laten onderzoeken bij het Dutch Wildlife Healt Centre. Het onderzoek vind plaats met steun van Vereniging het Reewild.

Daarnaast zijn er een aantal niet-onderwijsinstituten die ook onderzoek verrichten aan het ree. Te denken valt aan het ID-DLO te Lelystad die sinds de Mond- en Klauwzeeercrisis meer aandacht besteed aan in het wild levende hoefdieren, Wageningen Research Centre (Alterra samen met Landbouw Universuteit Wageningen) of de Stichting Reeënonderzoek Nederland. Deze instituten publiceren met enige regelmaat uitkomsten van onderzoeken. Maar ook periodieken als het Vakblad Natuurbeheer of het Boomblad geven informatie over recente onderzoekspublicaties. 

Kennishebbers en ervaringsdeskundigen

Een heel andere manier om kennis te vergaren dan de hierboven vermelde instellingen en cursussen is gelegen in het raadplegen van kennishebbers en ervaringsdeskundigen. Met de eerste bedoel ik vooral wetenschappers (biologen en ecologen) die zich lange tijd met reeën hebben bezig gehouden of dit nog steeds doen. Die kun je natuurlijk proberen te benaderen als je specifieke vragen hebt. Voor een belangrijk deel kom je deze kennishebbers vanzelf tegen als je een opleiding of cursus volgt. Daarnaast de ervaringsdeskundigen; de mensen die veel tijd doorbrengen (al dan niet professioneel) in het veld. Dit soort mensen kan je alles vertellen over terreingebruik, aanspreken etcetera.

Wat altijd erg belangrijk is dat je steeds kritisch blijft op wat je verteld wordt en te zien krijgt.


Verantwoord reeënbeheer door kennis Minimaliseren

Met de jachtwet aanpassing van 8 juni 1977 Stb. 387 werd het jachtexamen ingevoerd en op 8 maart 1978 werden bij Koninklijk Besluit de eisen waaraan het jachtexamen moest voldoen  gepubliceerd.

Door het volgen van de cursus jachtopleiding werd de kandidaat het nodige bijgebracht voor het examen zodat de beginnende jagers al redelijke kennis over het reeën kregen. De geslaagde kandidaat zou echter ontdekken dat die kennis bij lange na niet voldoende was.

Dat is dan ook de reden geweest dat ervaren reewildjagers cursussen gingen geven om de kennis over het reewild te verspreiden en het algemen kennis niveau over reeén te verhogen. het betreft onder andere het aanspreken van reeën, het schatten van de leeftijd van het ree, de vorming en vormen van het gewei, het gedrag, de leefwijze, het voorkomen, de biotoop, het voedsel en vooral de voortplanting.

Dat gaat de Vereniging Het Reewild nog niet ver genoeg. Om nog meer over reeën en hun beheer en bescherming te leren kun je in het Kenniscentrum terecht en bij de door leden van vereniging gegeven lezingen, workshops en een cursus reeënbeheer.

 


Snel verder

Kenniscentrum Reeën Gebruiksovereenkomst Privacybeleid