zaterdag, februari 04, 2012
 
Biotoop

De sterkste dieren leven in terreinen met het beste voedselaanbod en overlevingskansen.

Daar waar voedsel, rust en dekking optimaal zijn, zijn de reeën gezond, sterk en zwaar. Voedsel, rust en dekking vormen de basis voor het biotoop van een ree. In gebieden met afwisselend dekking en open terrein is de verhouding tussen voedsel, rust en dekking al snel voldoende om een reeënfamilie te huisvesten.

Veel van de landschappen in Nederland bieden voldoende voedsel, rust en dekking om een gezonde populatie reeën te herbergen. In die afwisselende leefomgeving bepaalt het ree zelf waar de omstandigheden optimaal zijn. Die omgeving is het biotoop van dat ree.

Tegen de schemering verlaten de dieren de dekking om te gaan eten. Het voedsel bestaat voornamelijk uit kruiden en twijgen, maar 's winters ook uit boombast, eikels, enz.

Veranderingen in de samenstelling van de reeënpopulatie, het voedselaanbod of het medegebruik van de leefomgeving zorgen dat het ree de beste plek, zijn biotoop bepaald. In een niet veranderende leefomgeving zal een ree gedurende vele jaren proberen te blijven.

Als de verhouding tussen de elementen voedsel, rust en dekking verschuiven veranderd het biotoop en gaat het ree opzoek naar de beste plek. Daarbij zullen de relaties tussen de reeën veranderen en ook de territoriums. Al deze veranderingen hebben invloed op hun gedrag en lichamelijke conditie. Reeën kunnen zich dan zelfs in andere leefomgevingen vestigen zoals aan één gesloten bosgebied of open veld.


Veldreeën

Veranderingen in de samenstelling van de reeënpopulatie, het voedselaanbod of het medegebruik van de leefomgeving kunnen er toe leiden dat reeën zich in andere dan de oorspronkelijke leefomgeving vestigen, zoals het open veld. De stijgende dichtheid of veel verstoring zorgt ervoor dat we reeën ook zien op plaatsen waar helemaal niet of zeer sporadisch bos aanwezig is. Zo'n reeënpopulatie past zich soms zelfs aan dat nieuwe biotoop aan. Zij gebruiken dan bij voorkeur de ruige randen, houtsingels en kleine bosjes als dekking.
Als de reeën zich permanent in het open veld ophouden en zich geheel aan dat open terrein hebben aangepast noemen we deze reeën veldreeën. Met name in grootschalige akkerbouwgebieden vallen veldreeën op. Maar in toenemende mate zien we dit gedrag ook in de omgeving van intensief gebruikte natuurlijke omgevingen.

Het voedsel bestaat volledig uit kruidachtige planten en landbouwgewassen. In het algemeen hebben reeën dagelijks een paar momenten waarin ze eten. Veldreeën fourageren echter de hele dag, men kan ze op ieder moment van de dag etend aantreffen.

Veldreeën gedragen zich meer dan andere reeën als kuddedieren, in die zin dat enkele reeën in een sprong zich als als waarnemers gedragen. Steeds is er minstens één ree die de omgeving in de gaten houdt, terwijl de rest eet, herkauwd of rust.De in de herfst gevormde sprongen veldreeën zijn veel groter dan bij reeën in dekkingsrijk gebied. Sprongen van enkele tientallen stuks zijn geen zeldzaamheid. In het voorjaar vallen ook bij veldreeën de sprongen uiteen, alleen wat later dan bij de overige reeën. Ook bezetten de sterkste bokken en geiten de beste leefomgevingen. Die territoria zijn veel groter dan van reeën in gebieden met veel bos en struweel.

Bij onraad vluchten veldreeën niet het bos in, wat reeën gewoonlijk wel doen, maar nemen afstand van het gevaar, het open veld in. Waar ze in de landbouwgewassen, slootkanten en overhoekjes dekking vinden.

Sprong reeën in door populieren omgeven polder, in de winter.

Als na de oogst een groot deel van de dekking verdwenen is, zorgen de reeën door over grote afstanden te vluchten voor hun veiligheid. Zodra een ree onraad bemerkt, spreidt het de spiegel die in het open veld zeer goed zichtbaar is. De overige reeën worden hierdoor attent en zekeren. Zodra er één ree vlucht, gaat de rest mee.


Vereniging Het Reewild Gebruiksovereenkomst Privacybeleid