Bij veel natuurliefhebbers leeft er een diep verlangen naar complete, oorspronkelijke natuur. Een natuur waar ecologische processen kunnen plaatsvinden. Reeën zijn daarin buit voor vleeseters. Ook wel predatoren genoemd. Predatie is een belangrijk ecologisch proces dat invloed heeft op de leefbaarheid van een bepaalde omgeving.
Vlees wordt gegeten door carnivoren en omnivoren. Dat waren de Bruine beer, het Wilde zwijn, de Mens, de Wolf, de Lynx en enkele grote roofvogels.
Er zijn geen aanwijzingen dat vleeseters zoals wilde zwijnen reeën jagen. het komt wel voor dat vleeseters reeën, waarvan de natuurlijke mogelijkheden om te vluchten zijn verminderd, opeten. Over het algemeen zijn dat reeën die bijna dood of dood zijn. De oorzaak voor het verzwakken van die reeën is vaak ziekte, gebrek aan voedsel of het gevolg van bejagen of een ongeluk.
Het probleem bij het terug laten komen van meer natuurlijke processen is dat vrijwel niemand die roofdieren weer in zijn achtertuin wil. De vraag is steeds of het samenleven van die grote vleeseters en de mens als een bedreiging of als een kans moest worden gezien om bijv. het ree op natuurlijke wijze aan bejaging bloot te stellen. De kans dat dit gaat gebeuren is namelijk de laatste 20 jaar toegenomen door het groeien van de stand van de Bruine beer, de Wolf en de Lynx.
Uit onderzoek aan Wolven en hun prooidieren is gebleken dat wolven de ontwikkeling van edelherten volgen. Als er meer edelherten komen; komen er meer wolven en andersom. Dat zij daarbij ook andere diersoorten op eten lijkt het gevolg van of een gemakkelijke prooi of gedwongen door gebrek aan hun hoofdvoedsel.Dat ze hier verdwenen, lag aan intensieve vervolging van zowel de prooidieren als de soort zelf. De roofdieren werden door het verdwijnen van voldoende wilde prooidieren schadelijk voor de mens.
De terugkeer van predatoren zoals de wolf, voorkomen stuit op juridische bezwaren en is praktisch haast onmogelijk. Vanuit het oosten volgen predatoren zoals de Wolf, de Lynx en de Bruine beer hun prooien, groeien in aantallen en nemen nieuwe leefgebieden met hun favoriete prooidieren aan. Zij worden daarbij gehinderd door hindernissen zoals wegen, water en bergen. Maar vroeg of laat lukt het om een levensvatbare populatie achter de hindernis te krijgen.
Hun herstel komt naast de toename van het aantal prooidieren bovendien door strikte juridische bescherming.
Een specifieke aanbeveling voor grote carnivoren, inclusief de wolf, behelst het opstellen van internationale omgangsvormen. Zodra de grote predatoren op eigen kracht de Nederlandse grens overstapt, geldt hij in juridisch jargon als ’beschermde diersoort’. Dit brengt een verplichting voor de overheid met zich mee de omgang met deze soort te verzorgen zodanig dat dit de grensoverschreidende wolvenpopulatie niet bedreigt.
Tot op heden is geen enkele aanwijzing ooit gevonden dat predatoren andere diersoorten reguleren. Het is al wel duidelijk dat het vaak diverse factoren samen zijn die daar voor zorgen. De kans dat grote predatoren in Nederland de in vrijheid levende grote hoefdieren gaan reguleren zoals dat in de natuur zonder mens plaatsvind is veel kleiner als de kans op de overlast van de predatoren.
Daarmee hoeft het Ree en diens beheerder de komst van de grote predatoren niet te vrezen.